Wat verdient een scheepsmonteur precies in 2026? Een eenduidig antwoord bestaat niet: scheepsmonteurs werken bij werven van uiteenlopende omvang, die onder verschillende cao's vallen. In dit artikel lees je onder welke cao jouw werkgever waarschijnlijk valt, wat de bijbehorende loonschalen zijn, wat ploegentoeslagen inhouden en hoe je gericht kunt onderhandelen voor een hoger loon. Wil je eerst weten wat het werk inhoudt? Lees dan wat een scheepsmonteur doet.
Wat verdient een scheepsmonteur gemiddeld in 2026?
Een landelijk, geverifieerd gemiddelde voor "de scheepsmonteur" bestaat niet, omdat het beroep bij scheepswerven en scheepsreparatiebedrijven van uiteenlopende omvang voorkomt, die niet allemaal onder dezelfde cao vallen. Wel staat vast dat de lonen in de metaaltechniek breed meestijgen met de rest van de sector.
De cao-lonen in het bedrijfsleven namen in het tweede kwartaal van 2026 met 4,2 procent toe, na een stijging van 5,0 procent over heel 2025 (CBS: ontwikkeling cao-lonen). Dit artikel gaat daarom vooral over de cao-structuur en de factoren die je loon als scheepsmonteur bepalen, en niet over één bandbreedte die voor elke werf zou gelden.
Onder welke cao valt een scheepsmonteur?
Een aparte "cao Scheepsbouw" bestaat niet: scheepsbouw en -reparatie vallen cao-technisch onder de metaalsector, en welke cao precies geldt hangt af van de omvang van je werkgever, niet van je functietitel. Bijlage A van de cao Metalektro noemt "schepen (alle vaartuigen hoe dan ook genaamd)" expliciet als een van de vele producten van het be- en verwerken van metalen.
Een werkgever valt onder de cao Metalektro als hij in hoofdzaak zulke metaalbewerkingsactiviteiten uitvoert én in de regel minstens 1.200 arbeidsuren per week door zijn werknemers laat verrichten (cao Metalektro, bijlage A werkingssfeer). Grotere scheepswerven en offshore-toeleveranciers vallen daardoor doorgaans onder de cao Metalektro.
Blijft een werkgever onder die urengrens, dan valt hij doorgaans onder de cao Metaalbewerkingsbedrijf, ook wel cao Metaal en Techniek genoemd. Kleinere scheepswerven en reparatiebedrijven vallen daardoor vaak onder deze cao, die een eigen salaristabel met een eigen werkingssfeer kent (cao Metaalbewerkingsbedrijf).
Wat als je werkgever geen cao heeft?
Niet elke werkgever in de scheepsbouw is aangesloten bij een cao. In dat geval gelden alleen de wettelijke minimumeisen, zoals het minimumloon en de wettelijke vakantiedagen, en bepaalt je individuele arbeidsovereenkomst de rest van je arbeidsvoorwaarden. Vraag in dat geval expliciet naar afspraken over periodieken, toeslagen en opleidingsbudget, want die liggen dan niet vast in een cao maar zijn onderhandelbaar.
Twijfel je onder welke cao je valt? Vraag het rechtstreeks aan je werkgever, de ondernemingsraad of je vakbond, of kijk in je arbeidsovereenkomst naar een verwijzing naar een specifieke cao. Zonder die zekerheid kun je beter geen bedrag aannemen dat je online tegenkomt, want dat kan voor een heel andere werf of bedrijfsomvang gelden dan die van jou.
Wat zijn de loonschalen in de cao Metalektro?
De cao Metalektro kent tien salarisgroepen, van A tot en met K, elk met een oplopende schaal over de functiejaren. Per 1 januari 2026 begint de laagste salarisgroep A bij functiejaar 0 op €2.768,86 bruto per maand voor een voltijder, en loopt de hoogste salarisgroep K op tot €5.121,58 bij functiejaar 10 (cao Metalektro, art. 3.3.1).
Welke salarisgroep bij een specifieke functie als scheepsmonteur hoort, is niet in de cao-tekst zelf terug te vinden: de indeling in functiegroepen verloopt via een separaat, niet-openbaar functiewaarderingssysteem dat de werkgever kiest. Vraag daarom bij je werkgever of leidinggevende na in welke salarisgroep en welk functiejaar jouw functie is ingedeeld.
Daarnaast stijgen de lonen in 2026 structureel: per 1 januari 2026 ging het loon met 2,00 procent omhoog, met een minimum van €101,72 per maand voor een voltijder, en in november 2026 volgt een eenmalige uitkering van €100 netto (cao Metalektro, art. 3.4.1 en 3.4.2).
Wat zijn de loonschalen in de cao Metaalbewerkingsbedrijf?
De cao Metaalbewerkingsbedrijf hanteert voor de periode van 1 maart 2026 tot 1 maart 2027 een tabel met tien salarisgroepen, van A/2 tot J/11. Bij functiejaar 0 loopt deze op van €2.422,25 in groep A/2 tot €4.392 in groep J/11, en bij functiejaar 10 loopt de hoogste groep op tot €5.292 per maand voor een voltijder (cao Metaalbewerkingsbedrijf).
Het gedrukte bedrag van €2.422,25 in groep A/2 is inmiddels achterhaald door het wettelijk minimumloon: sinds 1 juli 2026 bedraagt het minimumloon voor 21-plussers €14,99 per uur, wat voor een voltijder in de praktijk hoger uitkomt dan het tabelbedrag (rijksoverheid: bedragen minimumloon 2026). Een werkgever mag namelijk nooit minder betalen dan het wettelijk minimumloon, ook niet als de cao-tabel een lager bedrag noemt.
Ook hier geldt dat de indeling in salarisgroep en functiejaar per werkgever verschilt en niet direct uit de functietitel scheepsmonteur volgt: informeer bij je werkgever of de HR-afdeling naar jouw concrete indeling.
Welke ploegen- en onregelmatigheidstoeslagen gelden voor een scheepsmonteur?
Bij grotere scheepswerven en offshore-toeleveranciers die onder de cao Metalektro vallen, geldt voor iedereen die in ploegendienst werkt een vaste ploegendiensttoeslag: 13,3 procent bovenop het loon bij tweeploegendienst en 15,0 procent bij drieploegendienst, berekend over de maand-, vierweken- of weekverdienste (cao Metalektro, art. 3.7.3.b).
Werk je op zondag, dan bedraagt de toeslag 0,48 procent van de maandverdienste of 82,8 procent van de uurverdienste; op een erkende feestdag loopt dat op tot 1,06 procent respectievelijk 182,8 procent (cao Metalektro, art. 3.7.3.d). Val je onder de cao Metaalbewerkingsbedrijf, informeer dan bij je werkgever naar de daar geldende toeslagpercentages, want die staan niet in dezelfde artikelen vermeld.
Verdient een scheepsmonteur die op zee werkt anders dan een scheepsmonteur op de werf?
Een scheepsmonteur die op de werf schepen bouwt, onderhoudt of repareert, is geen varend personeel en valt dus niet onder de STCW-vaarbevoegdheidseisen of de rechtspositie van de Koninklijke Marine: die regelingen gelden voor bemanningsleden die daadwerkelijk aan boord varen, niet voor monteurs die aan de kade of in het dok werken.
Werk je wel aan boord van een schip op zee of op een offshore-installatie, bijvoorbeeld bij onderhoud aan een windpark op zee, dan is vaak een aanvullend veiligheidscertificaat vereist voor het vervoer per helikopter of boot naar de installatie. Een vast, landelijk percentage extra loon voor dat soort offshore-inzet staat niet in de cao vermeld: vraag bij je werkgever na welke offshore-toeslag of onkostenvergoeding voor jouw functie geldt.
Welke certificaten verhogen je marktwaarde als scheepsmonteur?
Een vakspecifiek certificaat is vaak de snelste manier om je marktwaarde te vergroten. Werkgevers geven bij gelijke ervaring vrijwel altijd de voorkeur aan een kandidaat met de juiste papieren, zeker omdat technische beroepen met schaarse certificaten al jaren op de kansrijke-beroepenlijst 2026 van het UWV staan (UWV: kansrijke beroepen).
- Lascertificaten zoals MIG/MAG, TIG of EN-1090 voor constructielassen in de scheepsbouw
- VCA-certificaat voor veilig werken op een werf of aan boord
- NEN 3140 voor wie ook elektrotechnische werkzaamheden aan boord uitvoert
- Een veiligheidscertificaat voor vervoer naar een offshore-installatie, zoals vereist door de betreffende opdrachtgever
De vraag naar dit soort schaarse certificaten blijft groot: technische beroepen met knelpunten in de personeelsvoorziening staan al jaren bovenaan de knelpuntenanalyse 2026 van het UWV (UWV: knelpunten in de techniek).
Zzp of loondienst: wat past bij jou als scheepsmonteur?
De meeste scheepsmonteurs werken in loondienst, met de zekerheid van een cao-schaal, doorbetaling bij ziekte, pensioenopbouw en recht op WW bij ontslag. Een groeiende groep kiest voor zzp-schap, vooral in projectmatige klussen bij werven die tijdelijk extra capaciteit nodig hebben.
Als zzp-scheepsmonteur bepaal je zelf je tarief, maar draag je ook zelf de kosten voor pensioen, verzekeringen, gereedschap en niet-declarabele uren voor acquisitie en administratie. Welk tarief realistisch is, verschilt sterk per regio, specialisatie en marktvraag, en is dus niet in één landelijk bedrag te vatten. Vergelijk daarom eerst offertes en tarieven van vergelijkbare zzp'ers voordat je de overstap maakt.
Hoe onderhandel je een hoger salaris als scheepsmonteur?
Veel scheepsmonteurs laten kansen liggen omdat ze niet actief onderhandelen. Een cao legt een minimum vast, geen maximum. Breng eerst in kaart wat vergelijkbare functies bij andere werven in jouw regio momenteel bieden, en vergelijk dat zorgvuldig met je huidige arbeidsvoorwaarden, voordat je het gesprek met je werkgever aangaat.
- Behaal aanvullende lascertificaten (MIG/MAG, TIG, EN-1090)
- Vraag na een succesvol project of nieuw certificaat om een functioneringsgesprek
- Vergelijk je arbeidsvoorwaarden met de cao die op jouw werkgever van toepassing is: Metalektro of Metaalbewerkingsbedrijf
- Houd je marktwaarde scherp door actuele vacatures voor scheepsmonteurs te blijven vergelijken
- Vraag niet alleen naar basisloon, maar ook naar ploegentoeslag, opleidingsbudget en secundaire voorwaarden
Hoe verhoudt het salaris van een scheepsmonteur zich tot verwante beroepen?
De salarissen van verwante technische vakmensen kennen dezelfde cao-afhankelijkheid als die van de scheepsmonteur: ook voor wat een lasser verdient, wat een constructiewerker verdient en wat een monteur verdient geldt dat het exacte bedrag sterk afhangt van de werkgever en de toepasselijke cao.
Gebruik deze artikelen als oriëntatie op de bredere metaaltechniek, niet als een uniform naslagwerk met vaste bedragen die zomaar voor jouw eigen situatie zouden gelden. Werk je zelf ook als scheepsmonteur bij een werf van vergelijkbare omvang, dan is de kans groot dat je feitelijke arbeidsvoorwaarden dichter bij die van je huidige cao liggen dan bij een landelijk gemiddelde.
Wat zijn de vooruitzichten voor het salaris van scheepsmonteurs?
De vooruitzichten voor scheepsmonteurs blijven in 2026 goed. Ook de landelijke vacaturecijfers bevestigen de aanhoudende krapte in de techniek: in het eerste kwartaal van 2026 stonden er nog altijd 28.200 vacatures open in de bouwnijverheid, een sector die nauw verweven is met de metaaltechniek waarin scheepswerven actief zijn (CBS: minder vacatures in eerste kwartaal van 2026).
"We hebben het ten behoeve van het elektriciteitsnet over 30.000 extra arbeidsplaatsen tot 2030. Dat tekort kunnen we nooit met alleen maar vacatures opvullen," zei Christiaan Oosterhof van Netbeheer Nederland op de Kennisarenadag van het COB (COB: dertigduizend vacatures tot 2030). Ook de scheepsbouw profiteert van deze aanhoudende krapte in de bredere metaaltechniek: na 5,0 procent stijging in 2025 kwamen de cao-lonen in het tweede kwartaal van 2026 uit op 4,2 procent (CBS: ontwikkeling cao-lonen).
Voor scheepsmonteurs die zich specialiseren in gecertificeerd constructielassen of offshore-werk zijn de vooruitzichten het sterkst. Meer over de inhoud van het vak lees je in wat een scheepsmonteur doet.
Was dit artikel nuttig?
Laat het ons weten — zo maken we onze artikelen beter.

Veelgestelde vragen
Nee, een aparte cao Scheepsbouw bestaat niet. Scheepswerven vallen cao-technisch onder de metaalsector: grotere werven doorgaans onder de cao Metalektro, kleinere werven onder de cao Metaalbewerkingsbedrijf. Welke cao geldt, hangt af van de omvang en de activiteiten van je werkgever, niet van je functietitel.
Onder de cao Metalektro lopen de salarisgroepen bij functiejaar 0 op van €2.768,86 in groep A tot €5.121,58 in groep K bij functiejaar 10 (per 1 januari 2026). In welke groep jouw functie precies valt, bepaalt je werkgever via een intern functiewaarderingssysteem (cao Metalektro, art. 3.3.1).
Bij de cao Metalektro geldt een ploegendiensttoeslag van 13,3 procent bij tweeploegendienst en 15,0 procent bij drieploegendienst. Op zondag komt daar 0,48 tot 82,8 procent bij, en op een erkende feestdag 1,06 tot 182,8 procent, afhankelijk van de berekeningsgrondslag (cao Metalektro, art. 3.7.3).
Vaak wel, maar een vast landelijk offshore-percentage staat niet in de cao. Offshore-inzet vraagt doorgaans aanvullende veiligheidscertificaten en brengt eigen onkostenvergoedingen met zich mee. Vraag bij je werkgever concreet na welke offshore-toeslag voor jouw functie en opdrachtgever geldt.
Lascertificaten zoals MIG/MAG, TIG of EN-1090, een VCA-certificaat en NEN 3140 vergroten je inzetbaarheid en onderhandelingspositie. Dit soort schaarse technische certificaten staat al jaren op de kansrijke-beroepenlijst van het UWV, wat je kansen op een hoger salaris vergroot (UWV: kansrijke beroepen).
Bronnen
- CBS: ontwikkeling cao-lonen(cbs.nl)
- cao Metalektro, bijlage A werkingssfeer(fnv.nl)
- cao Metaalbewerkingsbedrijf(fnv.nl)
- rijksoverheid: bedragen minimumloon 2026(rijksoverheid.nl)
- UWV: kansrijke beroepen(uwv.nl)
- UWV: knelpunten in de techniek(uwv.nl)
- CBS: minder vacatures in eerste kwartaal van 2026(cbs.nl)
- COB: dertigduizend vacatures tot 2030(cob.nl)


