Wat verdient een stratenmaker in Nederland in 2026? Het is een vraag die steeds vaker opduikt, want de vraag naar vakkundige straatmakers blijft hoog en de beloning is de afgelopen jaren flink meegestegen. Of je nu net begint of al jarenlang bestrating legt, het salaris hangt af van meer factoren dan je misschien denkt. In dit artikel zetten we alles helder op een rij: van bruto maandloon tot secundaire arbeidsvoorwaarden en cao-afspraken. Wil je ook weten wat het dagelijkse werk precies inhoudt? Lees dan eerst wat een stratenmaker doet.
Bruto maandsalaris: wat kun je verwachten?
Een stratenmaker verdient in 2026 gemiddeld tussen de 2.300 en 3.700 euro bruto per maand. De exacte hoogte hangt sterk af van je ervaringsniveau, specialisatie en de regio waar je werkt. Een starter die net zijn opleiding heeft afgerond, zit doorgaans aan de onderkant van deze bandbreedte. Een allround vakman met tien jaar ervaring of een machinaal stratenmaker die werkt met trilplaten, verdichtingsmachines en stratenlegmachines, bevindt zich comfortabel in het hogere segment. Bovendien telt niet alleen het kaalsalaris: toeslagen, pensioenopbouw en secundaire voorwaarden bepalen samen wat een baan als stratenmaker werkelijk waard is.
Ter vergelijking: wat een metselaar verdient ligt in een vergelijkbare bandbreedte, maar stratenmakers profiteren vaak van extra toeslagen vanwege de zware arbeidsomstandigheden en het buitenwerk. Die toeslagen kunnen het nettoloon merkbaar verhogen.
Uurloon van een stratenmaker
Het uurloon van een stratenmaker ligt gemiddeld tussen de 14 en 22 euro bruto. Beginners starten rond de 14 tot 16 euro, terwijl ervaren vakmensen en ploegbazen richting de 20 tot 22 euro per uur komen. Zzp-stratenmakers rekenen doorgaans een hoger uurtarief — vaak tussen de 35 en 55 euro — maar zij betalen zelf hun verzekeringen, pensioen en gereedschap. Als zelfstandige heb je meer inkomstenpotentieel, maar ook meer financieel risico. In de praktijk zit het effectieve uurloon van een zzp'er, na aftrek van al die kosten en stilstand, vaak dichter bij het loondienst-equivalent dan het tarief op papier suggereert.
Wat bepaalt het salaris van een stratenmaker?
Het salaris is nooit een vast getal. Meerdere factoren spelen een rol bij de beloning die een stratenmaker ontvangt.
- Ervaring: meer werkjaren betekent hogere inschaling in de cao en meer onderhandelingsruimte.
- Opleiding en certificaten: met een BBL- of BOL-diploma niveau 2 of 3 Bestratingen start je hoger. Extra certificaten zoals VCA of machinecertificaten verhogen je waarde.
- Specialisatie: machinaal straten, sierstrating of historische bestrating vraagt specifieke kennis en levert meer op.
- Regio: in de Randstad en grote steden liggen lonen gemiddeld iets hoger door hogere kosten van levensonderhoud en meer projecten.
- Branche: gemeentelijke diensten, grote aannemers of gespecialiseerde bestratingsbedrijven hanteren elk eigen loonschalen.
- Ploegendienst en overwerk: nacht-, zaterdag- en zondagtoeslagen kunnen het inkomen fors verhogen.
- Dienstverband: vast contract versus zzp heeft grote invloed op het netto-inkomen en de zekerheid.
Salaris per ervaringsniveau
Om een goed beeld te geven van hoe het salaris zich ontwikkelt gedurende een loopbaan als stratenmaker, hier een overzicht per ervaringsniveau.
- Starter (0-2 jaar, niveau 2): 2.300 tot 2.600 euro bruto per maand. Je werkt onder begeleiding, leert de basis van bestratingstechnieken en bouwt ervaring op.
- Junior vakman (2-5 jaar, niveau 2-3): 2.600 tot 2.900 euro bruto per maand. Je werkt zelfstandig aan standaard projecten en kent diverse bestratingspatronen.
- Allround stratenmaker (5-10 jaar): 2.900 tot 3.300 euro bruto per maand. Je beheerst sierstrating, drainage en samenwerking met machinisten.
- Machinaal stratenmaker (5+ jaar, met machinecertificaten): 3.100 tot 3.500 euro bruto per maand. Gebruik van professionele legmachines vergroot de productiviteit en inschaling.
- Ploegbaas / uitvoerder (10+ jaar): 3.300 tot 3.700 euro bruto per maand. Je coördineert ploegen, plant werk in en draagt eindverantwoordelijkheid op projecten.
Salaris per regio: waar verdien je het meest?
Hoewel de cao Bouwnijverheid een landelijk loonvloer bepaalt, zijn er in de praktijk merkbare regionale verschillen. In de Randstad — Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht — is de vraag naar stratenmakers structureel hoog. Grootschalige stadsvernieuwing, nieuwe woonwijken en het doorlopend onderhoud van een dichtbevolkt wegennet zorgen voor een continue stroom aan opdrachten. Werkgevers in deze regio's betalen doorgaans iets boven de cao-minimums om mensen te binden en de hoge kosten van levensonderhoud enigszins te compenseren.
In Noord-Brabant en Gelderland zijn de lonen gemiddeld iets lager dan in de Randstad, maar de drukte op de arbeidsmarkt is ook hier groot. Bedrijven die grote infraprojecten uitvoeren langs rijkswegen en provinciale wegen bieden vaak aantrekkelijke reisvergoedingen en projecttoeslagen. In landelijke regio's zoals Zeeland, Drenthe of de Achterhoek zijn projecten kleinschaliger. Dat kan leiden tot iets bescheidener lonen, maar ook tot minder reistijd, meer regelmaat en soms een hechter teamgevoel. Wie bereid is om in meerdere regio's te werken of met een ploeg door het land te reizen, kan bovengemiddeld verdienen dankzij reisvergoedingen en verblijfskosten die bovenop het salaris worden uitbetaald.
Toeslagen: ploegendienst, onregelmatigheid en consignatie
Een onderschat onderdeel van het inkomen van een stratenmaker zijn de toeslagen. Zeker bij projecten in stedelijke omgevingen wordt steeds vaker buiten de reguliere kantoortijden gewerkt om overlast te beperken. Denk aan vroege ochtendploegen die al om vijf uur beginnen, nachtwerk op drukke verkeersknooppunten of weekendprojecten in winkelgebieden. Deze afwijkende werktijden worden vergoed via de cao Bouwnijverheid.
Overwerk wordt uitbetaald met een toeslag van doorgaans 25 tot 50 procent bovenop het reguliere uurloon. Bij zaterdagwerk rekent de cao een toeslag van 50 procent, bij zondagwerk loopt dat op naar 100 procent. Nachtwerk — uren gewerkt tussen 22.00 en 6.00 uur — levert een afzonderlijke onregelmatigheidstoeslag op die vergelijkbaar is met de overwerktoeslag. Een stratenmaker die structureel drie zaterdagen per maand werkt, kan daarmee al gauw 300 tot 600 euro extra per maand verdienen bovenop het basissalaris. Dat is een verschil dat over een jaar telt.
Consignatie — beschikbaar zijn buiten werktijd voor spoedoproepen bij calamiteiten zoals verzakkingen of stormschade — levert een aparte vergoeding op. Niet alle werkgevers bieden dit aan, maar gemeentelijke diensten en grotere aannemers met onderhoudscontracten maken er regelmatig gebruik van. De consignatievergoeding wordt doorgaans per uur of per bereikbare periode berekend en kan een bescheiden maar welkome aanvulling zijn op het maandinkomen.
Cao Bouwnijverheid: rechten en afspraken
De meeste stratenmakers vallen onder de cao Bouwnijverheid, die regelmatig wordt herzien en loonsverhogingen borgt. De cao bevat afspraken over minimumlonen per functiegroep, maar ook over werktijden, veiligheid en rechten bij ziekte. Een van de opvallende bepalingen is de ADV-regeling (Arbeidsduurverkorting): je werkt formeel iets meer uren maar bouwt extra vrije dagen op, wat het werkbare jaar compacter maakt. Dit kan oplopen tot acht of meer extra vrije dagen per jaar, naast de reguliere vakantiedagen.
Naast het basissalaris bevat de cao verplichte toeslagen voor bijzondere werktijden. Overwerk wordt vaak uitbetaald met een toeslag van 25 tot 50 procent. Zaterdag- en zondagwerk levert toeslagen op van respectievelijk 50 en 100 procent. Deze toeslagen zijn voor stratenmakers die regelmatig weekendprojecten uitvoeren — denk aan snelwegen en stadskernprojecten — een substantieel deel van het totaalinkomen. De cao regelt ook rechten bij slecht weer: als het werk door vorst of hevige regen stil komt te liggen, heb je recht op een weerverletvergoeding, wat financiële zekerheid biedt in de onvermijdelijk grillige buitensector.
Zzp vs loondienst: wat past bij jou?
De keuze tussen zzp en loondienst is voor veel stratenmakers een terugkerend onderwerp. Als zelfstandige bepaal je je eigen tarief — doorgaans tussen de 35 en 55 euro per uur — en je bent vrij in het kiezen van opdrachtgevers en projecten. Bij een goed gevuld orderboek en een sterk netwerk in de regio kan zzp fors meer opleveren dan een vast dienstverband. Bovendien heb je als zzp'er meer zeggenschap over je werktijden en de soort projecten die je aanneemt.
Daar staat tegenover dat je als zelfstandige zelf verantwoordelijk bent voor je arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV), pensioenopbouw, gereedschap, bedrijfsaansprakelijkheid en het overbruggen van stille perioden. Een AOV voor een stratenmaker — een beroep met een relatief hoog lichamelijk belastingsprofiel — kost al gauw 200 tot 400 euro per maand. Tel daar pensioenopbouw bij op, en het netto voordeel van zzp is kleiner dan het brutotarief suggereert. Voor starters die nog geen netwerk hebben opgebouwd, is loondienst doorgaans een veiligere basis. Wie al vijf jaar of meer ervaring heeft, een eigen klantenbestand kent en geen bezwaar heeft tegen de administratieve kant van ondernemerschap, kan serieus overwegen om de stap te zetten.
Secundaire arbeidsvoorwaarden
Naast het brutoloon is het totaalpakket minstens zo interessant. Stratenmakers bij grotere aannemers en gemeenten profiteren doorgaans van een solide pakket aan secundaire voorwaarden.
- Reiskosten: vergoeding van woon-werkverkeer, soms inclusief gebruik van een bedrijfsbus of -bestelwagen.
- Gereedschapsvergoeding: veel werkgevers vergoeden of verstrekken persoonlijk gereedschap en veiligheidskleding.
- Pensioen: aansluiting bij het Bedrijfstakpensioenfonds Bouw (BpfBOUW) zorgt voor pensioenopbouw.
- Vakantiegeld en vakantiedagen: 8 procent vakantietoeslag over het jaarsalaris plus doorgaans 25 vrije dagen per jaar.
- VCA-opleiding en bijscholing: veel werkgevers betalen verplichte veiligheidscertificaten en cursussen.
- Onregelmatigheidstoeslag: voor buitenwerk, vroege diensten of ploegendienst.
- Wachtgeldregeling: bij seizoensfluctuaties of slecht weer biedt de cao extra bescherming.
Bijscholing die loont
Investeren in opleiding betaalt zich voor stratenmakers snel terug. De MBO-opleiding Bestratingen op niveau 2 vormt de instapbasis, maar wie een niveau 3 of 4 diploma haalt, opent de deur naar hogere functieschalen en uitvoerdersfuncties. In de praktijk is de loonsprong van niveau 2 naar niveau 3 merkbaar: denk aan 150 tot 300 euro bruto per maand extra inschaling bij dezelfde werkgever, en meer ruimte bij sollicitaties naar beter betalende bedrijven.
Machinecertificaten zijn een van de snelste manieren om je inkomen te verhogen. Een certificaat voor een straatlegmachine of trilplaatverdichter kost relatief weinig tijd maar verhoogt je productiviteit en je inschaling direct. Hetzelfde geldt voor VCA-P (persoonlijk) en VCA-VOL (volwaardig): veiligheidsopleidingen die steeds vaker als eis gelden bij projecten voor gemeenten, Rijkswaterstaat en grote aannemers. Sommige werkgevers vergoeden deze cursussen volledig; andere verwachten dat je ze zelf meeneemt als startkapitaal.
Wie echt wil doorgroeien, kan kijken naar een uitvoerdersopleiding of een MBO-4 richting Infra. Dit maakt de stap mogelijk naar ploegbaas of junior uitvoerder, met salarissen tot boven de 3.700 euro en soms een leaseauto of kilometervergoeding erbij. Ook specialistische cursussen in historische bestrating of sierstrating zijn interessant: dat segment van de markt vraagt ambachtelijke kennis die relatief schaars is en goed wordt beloond, zowel in loondienst als als zzp.
Salarisonderhandeling: zo pak je het aan
Veel stratenmakers laten geld liggen omdat ze de onderhandelingsfase bij aanname of een functioneringsgesprek niet benutten. Terwijl de cao een minimumvloer bepaalt, heeft een werkgever altijd enige ruimte om daar bovenuit te gaan, zeker als de arbeidsmarkt krap is. Voorbereiding is daarbij essentieel. Weet wat de cao-schaal voor jouw functieprofiel inhoudt, ken de regionale markttarieven en wees in staat om je meerwaarde concreet te benoemen: welke projecten heb je opgeleverd, welke certificaten heb je gehaald, hoe heb je een ploeg begeleid?
Bij een nieuwe baan is het moment van aanname het sterkste onderhandelingsmoment. Zodra je een aanbod krijgt, hoef je niet direct ja te zeggen. Vraag om een dag bedenktijd en kom terug met een concreet tegenvoorstel, onderbouwd met jouw ervaring en de marktsituatie. Bij de huidige krapte op de arbeidsmarkt voor infrapersoneel zijn werkgevers vaak bereid om 100 tot 200 euro per maand meer te bieden, of extra secundaire voorwaarden toe te voegen zoals een hogere reiskostenvergoeding of extra vakantiedagen. In loondienst geldt hetzelfde principe bij een periodieke salarisbespreking: laat je niet afschepen met 'de cao bepaalt het loon', want werkgevers die goede mensen willen behouden, hebben doorgaans meer ruimte dan ze aanvankelijk laten zien.
Hoe kun je als stratenmaker meer verdienen?
Er zijn concrete stappen die je als stratenmaker kunt zetten om je inkomen te verhogen. Zowel in loondienst als als zelfstandige zijn er duidelijke groeipaden.
- Haal extra certificaten: VCA-P (persoonlijk), machinecertificaten en certificeringen voor specialistische bestrating verhogen je inschaling direct.
- Specialiseer je: sierstrating, historische klinkers of grootschalig machinaal straten vragen zeldzame expertise en worden beter betaald.
- Groei door naar ploegbaas: leiderschapsverantwoordelijkheid levert 200 tot 500 euro extra per maand op.
- Neem overwerk en weekendprojecten aan: de cao-toeslagen lopen snel op bij zaterdag- en nachtwerk.
- Overweeg zzp: met een sterk netwerk en stabiele opdrachtgevers is het uurtarief als zelfstandige aanzienlijk hoger.
- Wissel van werkgever strategisch: bij grotere aannemers of gespecialiseerde bedrijven zijn de loonschalen vaak ruimer dan bij kleine lokale bedrijven.
- Volg een doorstroomberoepsopleiding: met een niveau 3 of 4 diploma open je de deur naar uitvoerdersfuncties met een significant hoger salaris.
Ben je nieuwsgierig of er betere kansen voor jou zijn in de technische sector? Doe dan de gratis Banenscan en ontdek welke beroepen en sectoren bij jouw profiel passen.
Vergelijking met verwante beroepen
Hoe verhoudt het salaris van een stratenmaker zich tot vergelijkbare beroepen in de bouw en infra? Over het algemeen zitten stratenmakers iets boven het gemiddelde van handarbeid in de bouw, mede dankzij de lichamelijk zware omstandigheden en de buitenwerkfactor. Wat een constructiewerker verdient is vergelijkbaar, maar bij constructiewerkers speelt de sector (industrie vs. bouw) een grotere rol in de loonvork.
Graafmachinisten en kraanmachinisten verdienen doorgaans iets meer dan handmatige stratenmakers, vanwege de investering in machine-gerelateerde certificaten en de hogere productiviteit. Wie doorgroeit naar de machinale kant van het stratenwerk, kan het loonverschil snel inlopen. Ook wat een graafmachinist verdient laat zien dat mobiele specialisten in de infrasector vaak bovengemiddeld verdienen. De infrasector als geheel biedt stabiele, goed betaalde banen, zeker nu de overheid fors blijft investeren in wegen, waterbeheer en stedelijke infrastructuur.
Was dit artikel nuttig?
Laat het ons weten — zo maken we onze artikelen beter.
Norick Engberts
Specialist techniek bij MijnTechCarrière
Veelgestelde vragen
Een startende stratenmaker verdient bruto tussen de 2.300 en 2.600 euro per maand. Netto komt dat, afhankelijk van toeslagen, reiskostenvergoeding en persoonlijke situatie, neer op ongeveer 1.700 tot 1.950 euro. Exacte bedragen verschillen per werkgever en regio.
Een zzp-stratenmaker rekent doorgaans een uurtarief van 35 tot 55 euro, wat bij volledige bezetting hoger uitkomt dan een dienstverband. Daar tegenover staan eigen kosten voor verzekeringen, pensioen, gereedschap en stille perioden zonder inkomen. Of zzp voordelig is, hangt sterk af van je netwerk en hoe goed je bent in acquisitie.
De gebruikelijke route is de MBO-opleiding Bestratingen op niveau 2 of 3, via BBL (leren werken) of BOL (schoolse variant). Met een niveau 3 diploma en extra certificaten zoals VCA en machinecertificaten heb je de beste positie op de arbeidsmarkt. Doorgroeien naar ploegbaas of uitvoerder kan met een niveau 4 opleiding of een intern traject bij een grote aannemer.
Volgens de cao Bouwnijverheid ontvang je bij zaterdagwerk een toeslag van 50 procent en bij zondagwerk 100 procent bovenop je uurloon. Nachtwerk en overwerk worden vergoed met toeslagen van 25 tot 50 procent. Bij regelmatig bijzonder werk kan dit oplopen tot enkele honderden euro's extra per maand.
Zeker. De cao legt een minimum vast, maar werkgevers hebben bij krapte op de arbeidsmarkt vaak ruimte om er bovenuit te gaan. Bereid je voor met concrete argumenten: je certificaten, projectervaring en kennis van de markttarieven. Een goed onderbouwd tegenvoorstel bij aanname of een functioneringsgesprek levert in de praktijk regelmatig 100 tot 200 euro bruto per maand extra op.



